Plenair Panman bij behandeling Begroting Klimaatfonds 2026



Verslag van de vergadering van 6 juli 2026 (2025/2026 nr. 38)

Status: ongecorrigeerd

Aanvang: 22.16 uur

Een verslag met de status "ongecorrigeerd" is niet voor citaten en er kan geen recht aan ontleend worden.


Bekijk de video van deze spreekbeurt

De heer Panman i (BBB):

Dank u wel. Ook dank aan de minister voor de beantwoording in de eerste termijn. Het is al de derde keer dat we hier staan voor het Klimaatfonds. Het is goed dat we er jaarlijks naar kijken.

De zorg bij mij en de fractie van de BBB over het instrument fonds is nog niet helemaal weggenomen. Aan de ene kant zegt de minister: een fonds geeft de zekerheid dat het geld er is in de toekomst. Ze geeft aan: voor de tuinbouw hebben wij iets geregeld in het Klimaatfonds. Tevens geeft ze aan: maar voor de overige gedeelten van de landbouw moet u zijn bij LVVN, dus bij het ministerie. Dat geeft een onzekerheid. We weten allemaal wat de onzekerheid op dit moment is voor de landbouw. Met name de stikstof, wat een ander dossier is, geeft heel veel onzekerheid in de sector. Het zou juist goed zijn om nu duidelijkheid te geven waar de ondersteuning kan worden gegeven.

Die ondersteuning zit bijvoorbeeld in robotica. Ik geef een klein voorbeeld. Als een akkerbouwer de transitie wil maken naar meer duurzame teelt en een onkruidrobot aanschaft die op zonnecellen en een batterij werkt, kost dat €150.000. Dat is voor een boer, voor een akkerbouwer heel veel geld. Voor dat soort initiatieven is het dus van belang dat er ook ondersteuning is, zodat de landbouw die slag kan kamen.

De minister geeft aan dat we op dit moment op 36% reductie zitten ten opzichte van 1990. Als ik kijk naar de afgelopen twee keren dat we hier het debat hebben gevoerd over het Klimaatfonds, dan is de progressie minimaal. We hebben grote zorgen of we inderdaad wel de progressie boeken die nodig is om de 55% reductie in 2030 te halen.

Ik heb begrepen dat het Klimaatfonds de naamswijziging gaat doormaken van Klimaatfonds naar Klimaat- en energiefonds. Daar ben ik blij om. Dat duidt beter wat het Klimaatfonds tot doel heeft.

Ik wil even reflecteren op de discussie die we zojuist hadden over Tata Steel. Ik moet daarbij opmerken dat ik vroeger bij Tata Steel heb gewerkt. Tata Steel is echt een uniek bedrijf binnen de staalproductie in Europa. Het maakt namelijk hoogwaardig staal, met name voor de auto-industrie. En dat kan in andere landen nog niet geproduceerd worden. We hebben hier dus wel een pareltje binnen de staalindustrie, maar dat terzijde.

Ik ben blij dat we in ieder geval een tarieflimiet krijgen voor de warmtenetten en voor de warmte, zoals de minister aangaf. Ik hoop wel dat de minister ook kijkt naar het handelingsperspectief in de regio, daar waar geen warmtenetten zijn of daar waar warmtenetten heel erg duur worden, zodat de mensen daar een redelijke prijs kunnen blijven betalen voor hun warmte.

Ik heb nog een kleine toevoeging. Volgend jaar gaan we dus inderdaad de evaluatiemomenten doen van het Klimaatfonds. Ik hoop dat we dan niet alleen kijken naar de financiële kant van het Klimaatfonds, maar ook naar de doelmatigheid, het recyclen en alle neveneffecten die de klimaatmaatregelen met zich mee brengen.

Een reflectie op de vraag van mevrouw Visseren-Hamakers: wat voor economie moeten we hebben? Volgens mij moeten we een economie hebben die weerbaar is en daarmee ook divers. Dat vereist dat we diverse energiebronnen hebben.

Ik wil nog een kleine opmerking maken: ik heb liever een kernenergiecentrale, een SMR, dan een kolencentrale. Ik hoop dat mevrouw Visseren-Hamakers dat met mij eens is.

Daarmee wil ik mijn tweede termijn afsluiten. Dank u wel, voorzitter.

De voorzitter:

Dank u wel. Dan geef ik graag het woord aan mevrouw Perin van de fractie van Volt.