Korte aantekeningen vergadering commissie Europese Zaken (EUZA) van 2 juni 2026




Besluitpunten die betrekking hebben op kamerstukdossier Staat van de Europese Unie 2026 (36.866)

- Staat van de Unie en Algemene Europese Beschouwingen 2026

Brief van de minister van BZ over Staat van de Unie 2026; Staat van de Europese Unie 2026

Met oog op de verwachte druk op de plenaire agenda voor het zomerreces, besluit de commissie om de Algemene Europese Beschouwingen (AEB) te verplaatsen na het zomerreces, bij voorkeur in september. Daarbij tekent het lid Ramsodit (Groenlinks-PvdA) aan het (meermaals) doorschuiven van de AEB onwenselijk te vinden.
De griffie zal de beschikbaarheid van de minister nagaan en bij de volgende commissievergadering mogelijke data voorleggen.

De commissie besluit om bij de volgende vergadering schriftelijk overleg met de regering inzake de Staat van de Unie te agenderen en dit mogelijk te combineren met inbreng inzake het Meerjarig Financieel Kader (onder voorbehoud voorzien voor 30 juni 2026).


De griffier van de commissie,
Ilse van den Driessche